Je kunt vliegen

11 januari 2019

Er is een droom waar iedereen ervaring mee heeft: de droom waarin je kunt vliegen. Met of zonder echte vleugels, de armen gespreid of mooi gestrekt langs de flanken, voor een aerodynamische werking. In de droom waarin je vliegt is, behalve dat je kunt vliegen, iets merkwaardigs aan de hand. Je bent je bewuster dan in je andere dromen van het dromen, je weet dat het echt niet kan wat je al dromen doet. Je zou zeggen dat van alle dingen die de mens niet kan vliegen het absolute toppunt is.

Het kan niet, punt.

Wat betekent dit voor de beleving van het zelf tijdens het dromen? Laat ik het persoonlijk houden, dat leest ook wat makkelijker: wat vind je van jezelf terwijl je vliegt (in je droom)? Zegt je onderbewuste dat van alle bewegingsvormen die je beheerst, of niet beheerst, het door de lucht klieven zonder enige weerstand te voelen, het beste voor je is? Of onderstreept de vliegdroom jouw onmacht om te doen wat je zou willen doen in dit leven?

Soms is er iets geks aan de hand met het perspectief. Je bent niet zozeer aan het vliegen; je ziet jezelf vliegen. Je bent jezelf aan het observeren, bewonderen, toejuichen, et cetera. Dat kan natuurlijk allemaal niet (zomaar) in het echte leven maar in je dromen kan alles. Daar ga je dan, door de lucht, het ziet er van een afstand behoorlijk goed uit.